Don’t bite (me) please!

Psychologen, sportverslaggevers, trainers, voetbalfans.  Iedereen doet op Twitter of Facebook zijn of haar zegje over de beet van Suárez. Voor wie geen WK-voetbal kijkt: Luis Suárez uit Urugay hapte tijdens de kwalificatiewedstrijd voor de achtste finale in de schouder van een Italiaanse tegenstander.

Een paar van de online reacties.TV-presentator Piers Morgen merkt droogjes op: ‘Eet Suárez soms niks voor de wedstrijd?’ Bioloog Patrick van Veen van de Apenheul vindt dat de bijtende Luis Suárez nodig naar een psychiater moet.  En een Amerikaan tipt Snickers om Suárez te strikken voor de je-bent- jezelf-niet-als-je-trek -hebt-reclamecampagne.

Waarom doe je zoiets vroeg ik me als nuchter mens af toen ik de wedstrijd zag. Ik kan me misschien wel het meeste vinden in de uitleg van de Sydney Morning Herald dat sporters als Suárez gewoon niet in staat zijn om zich te beheersen in “the heat of the moment” of als ze hun tegenstanders willen intimideren.

Intimidatie in de sport door te bijten. Hmmm.  Hier zou je een interessant bruggetje kunnen slaan naar het bedrijfsleven. Nee, ik weet dat managers of directeuren hun medewerkers in de regel niet bijten, maar het komt wel voor dat psychische terreur wordt ingezet als managementinstrument. En helaas pindakaas hebben als je onder zo’n leidinggevende werkt. Op de werkvloer is – in tegenstelling tot bij een WK-wedstrijd – lastig te bewijzen dat je met intimidatie hebt te maken. Van P&O en andere collega’s hoef je vaak niet veel steun te verwachten. Die moeten vrezen voor hun eigen baan.

Gek maar waar. Het blijkt vaak een bepaald soort bedrijf te zijn waar ongewenst gedrag (ook onder collega’s onderling trouwens) het meeste voorkomt. Om een dossier van FNV bondgenoten uit 2011 te citeren, dat zijn bedrijven waar:

  • leidinggevenden geen interesse hebben voor de individuele werknemer;
  • de werkdruk constant (te)hoog is;
  • de interne communicatie slecht is;
  • mensen niet worden aangesproken op hun gedrag , zowel niet door collega’s als hun leidinggevende(n);
  • geen beroep wordt gedaan op het vakmanschap en zelfstandig denken van mensen;
  • de toekomst onzeker is en mensen geen binding (meer) hebben met het bedrijf en dus ook geen reden om er samen de schouders onder te zetten;
  • groepen mensen- soms bewust – tegen elkaar worden uitgespeeld: zoals vaste krachten tegen flexwerkers, fulltimers tegen parttimers;
  • altijd de eigen positie en carrière voorgaan, zelfs ten koste van je collega’s.

Don’t bite me please voor wat ik ga zeggen. Maar als manager of directeur heb je een grote verantwoordelijkheid. Ja, het is belangrijk om je doelen te bereiken, maar niet ten koste van alles en iedereen. Goed leiding geven zonder machtsinstrumenten in te zetten, is een kunst en zeker te leren.

Om je alvast op weg te helpen zeven tips:

  1. Neem je medewerkers serieus en luister naar ze.
  2. Wek bij medewerkers het verlangen op om de kant op te gaan die jij wilt. “Voordat je een schip gaat maken, moet je de bouwers laten verlangen naar de zee”.
  3. Zet mensen in hun kracht, stimuleer hun talenten.
  4. Bied een veilige omgeving.
  5. Wees als leidinggevende authentiek en eerlijk.
  6. Geef medewerkers ruimte bij discussies en ga daar zelf niet in voorop.
  7. Laat medewerkers scoren op belangrijke momenten, bijvoorbeeld in het contact met een directie of een belangrijke klant, en durf  daarin ondergeschikt te blijven.

 

* Geschreven in samenwerking met Mariette Woudenberg van Puurtaal.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *